Menu

Het Märklin model van Intercom 1000G1 opnieuw uitgebracht door Treinshop Olaerts

Een oude zelflosser in een nieuw kleedje

Eind jaren 1960 wist Märklin iedereen in België te verbazen met de productie van een authentieke Belgische goederenwagen. De keuze viel op een zelflosser die enkele jaren daarvoor aan de NMBS geleverd werd. Over deze wagen worden de meest vreemde verhalen verteld. Heeft deze wagen wel ooit bestaan en waarom heeft Märklin voor dit model gekozen? Vragen waarop we een antwoord proberen te geven.

Wie op zoek gaat naar informatie over het voorbeeld dat Märklin gebruikt heeft om het model te maken, komt nagenoeg van een kale reis thuis. In het tweeledige boek 'De Belgische Spoorwegen in Model' samengesteld en geschreven door Philippe Callaert en in 2000 uitgegeven door Meta Media, vinden we een tekening van één van de vijf gelijkaardige wagens die de NMBS heeft laten maken bij Les Usines de et à Braine-le-Compte. Van het echte voorbeeld hebben we slechts één foto gevonden in een brochure van de NMBS bij de presentatie van nieuwe goederenwagens tijdens een tentoonstelling. (zie ook het artikel over het grootbedrijf 'Type 1000G1 en 1000G2')

In de jaren '60 van vorige eeuw had Märklin ruim 70 % van de markt voor modeltreinen in handen. De productie was toen vooral gericht op de Duitse markt. Tot dan waren liefhebbers van Belgische goederenwagens afhankelijk van Duitse modellen in een Belgisch jasje. De aankondiging van een Belgische zelflosser was dan ook een complete verrassing.

 

Märklin cataloog

Het model van de Belgische goederenwagen zien voor het eerst in de Märklin catalogus van 1967 als nummer 4656. Voor dit model betaalde je toen 8,60 Duitse Marken of omgerekend 140 Belgische Frank. Nu zou dit ongeveer 3,65 euro betekenen. Deze wagen bleef tot 1972 in het programma. Dezelfde wagen zien vanaf 1985 tot 1988 opnieuw verschijnen. Eerst met het nummer 612 0 010-1 in het bruin, daarna met een hetzelfde nummer, maar in een andere kleur bruin (roodbruin). In 1988 komt de wagen met een nieuw nummer 612 0 083-8. Daarna blijft het stil tot Treinshop Olaerts eind 2012 een nieuwe bestelling plaatste en twee verschillende sets met elk vijf wagens aanbiedt in een retro verpakking uit de jaren 1960.

 

Enkele afbeeldingen uit de oude Märklin cataloog 1966 en 1967 en een afbeelding uit het boek 'De Belgische spoorwegen in model - Deel 1', Philippe Callaert (Metamedia, 2000.

Märklin in 1966

Voor de ontwikkeling heeft Märklin zo goed als zeker de tekeningen gebruikt van de vijf wagens die in 1965 aan de NMBS werden geleverd en die aangeduid werden als type 1000G1. De wagens zijn niet perfect op schaal, maar zijn een goede weergave van hoe ze er aanvankelijk hebben uitgezien. Voor de meeste liefhebbers vormde deze interpretatie van Märklin eind jaren '60 geen enkel probleem. Kopers waren toen veel minder kritisch dan nu. Van een kortkoppeling en verschillende bedrijfsnummers was nog geen sprake. De maatvoering moest niet perfect zijn, en problemen met de tekeningen werden snel opgelost.

Het Märklin-model heeft een bovenbouw in kunststof en een chassis in gestampt metaal. Ook het platform en het trapje zijn uitgevoerd in geplooid zwart metaal. De loskleppen kunnen met een Märklin ontkoppelrail (nr. 5112) geopend worden. De wagen werd in 1968 uitgebracht met originele opschriften in tijdperk III en met een correct immatriculatienummer 21 88 612 0 002-8.

Treinshop Olaerts in2012

Het model dat Treinshop Olaerts uitbrengt is identiek dezelfde wagen uit 1966. De zelflossers worden aangeboden in retrokleuren van de originele lichtblauwe verpakking uit de jaren '60 en '70. Ze zijn verkrijgbaar in twee dozen die elk vijf wagens bevatten. In de eerste set zijn de wagens roodbruin (nr.46561). De tweede set bevat vijf zelflossers in lichtgrijze kleur (nr. 46562). Niets is aan het model veranderd. Allen de prijs is niet meer dezelfde. Voor een set betaal je 195 euro of omgerekend 39 euro per wagen, wat vergelijkbaar is met een doorsnee wagen van de meeste merken.

Voor de opschriften heeft Treinshop Olaerts zich laten inspireren door de privaatwagens die door Intercom werden ingezet en op de oorspronkelijke NMBS wagens uit 1966. De zelflossers van Intercom zijn echter niet hetzelfde als het type 1000G1 van de NMBS. De zijkant van de kolenwagens waren en steviger gebouwd en kregen kort nadat ze in dienst werden genomen in het midden een verticale verstevigingsbalk.

 

De bruine schildering verwijst naar de periode 1973 en later toen 80 wagens door de NMBS van Intercom werden overgenomen en waarvan op hun beurt een klein aantal verhuurd werden aan Intercom. De anderen werden immers ingezet voor het vervoer van zinkerts. Zij werden toen echter aangeduid als type 1000G2 met de lettercode Fd en hadden een andere constructie.

Het registratienummer op het model verwijst echter naar de periode 1966 toen vijf wagens werden ingeschreven bij de NMBS als type 1000G1. De nummers op de wagens van Treinshop Olaerts hebben dus nooit bestaan. Deze wagens moesten de reeksnummers '602 0' en later '617 5' hebben en niet '612 0'.

De lichtgrijze schildering op de vijf andere modellen verwijzen naar de oorspronkelijke wagens die gebouwd werden in opdracht van Intercom. In werkelijkheid waren deze wagens zwartgrijs (antracietgrijs) geschilderd ook al doen de foto's ons het tegendeel geloven. Deze wagens hebben hun nummer dat in 1964 werd toegekend heel hun loopbaan behouden als 44 88 615 0 100 tot 299.

De letter [P] zegt ons dat het een privaatwagen is. De tekst 'Vervoer van Schlamms' lijkt niet op zijn plaats want de wagens in bruine schildering werden uitsluitend gebruikt voor het vervoer van kolen van de haven van Antwerpen naar de elektriciteitswagens. Het vervoer van Schlamsms was reeds jaren daarvoor stopgezet. De verwijzing naar Marchienne-Zone was wel aanwezig.

Besluit

Het initiatief van Treinshop Olaerts om de oude Märklin-wagens opnieuw uit te brengen zal ongetwijfeld veel hobbyisten plezier doen. Deze mix van opschriften maakt de wagen minder geloofwaardig voor de liefhebbers die menen dat een model de perfecte weergaven van de realiteit moet zijn. Met een beetje meer zorg hadden zij ook aan hun trekken kunnen komen.

Met dank aan mijn goede vriend Charles Ocsinberg