Menu

20 jaar geleden (in 1995) bracht Jocadis de Belgische diesel van de reeks 51 in witmetaal op de markt. Een probleem voor veel modelbouwers was echter dat je deze loc nog diende te bouwen. Later in 2003 volgde een afgewerkt model. Wij staan stil bij de bouwdoos en bij het schilderen van een model in witmetal met een airbrush.


A3979 Reeks51 01b


Schilderen van een model in witmetaal met een airbrush

Veel hobbyisten verkiezen een afgewerkt model boven een bouwdoos. Het gevaar iets verkeerd te doen bij de montage van de losse onderdelen in witmetaal schrikt hen af. Echter, wanneer je niet het volle pond wilt betalen, ben je wel verplicht een bouwdoos aan te schaffen en zelf aan de slag te gaan.

In deze bijdrage staan we stil bij een bouwpakket in witmetaal en het schilderen van een gemonteerd model met een airbrush. We doen dit aan de hand van een Belgische diesel reeks 51. De dieselloc reeks 51 is met een vermogen van 1450 kW één van de sterkste machine op het Belgische spoorwegnet geweest. Zij hebben meer dan 40 jaren dienst gedaan. In 2003 heeft de NMBS deze serie uit dienst genomen. Hiermee kwam de loc volop in de belangstelling. Jocadis nam toen het initiatief om het model opnieuw in productie te brengen als kant-en-klaar model en als bouwkit. Hiermee kwam hij tegemoet aan de wensen van veel modelliefhebbers.

Wat is witmetaal

Witmetaal is een legering van lood, tin, bismut en antimoon. Producenten van dit product voegen aan deze samenstelling nog enkele elementen toe om het materiaal bijkomende eigenschappen toe te kennen. Door de unieke samenstelling bezit witmetaal een laag smeltpunt. Hierdoor is het uitermate geschikt voor reproductie met behulp van rubberen gietmallen. Witmetaal kan met eenvoudige instrumenten bewerkt worden. Met een aangepaste soldeerbout kunnen de verschillende delen aan elkaar gesoldeerd worden. Producenten van exclusieve treinmodellen, zoals Model loco uit Engeland, hebben deze voordelen ingezien en gebruiken deze techniek voor series met een beperkte oplage.



Voorbereiding

In tegenstelling met plasticbouwdozen worden bij witmetaal eerst alle onderdelen ontdaan van hun bramen, naden en gietresten. Dit doe je met een scherp hobbymes, enkele vijltjes en een glasvezelpotlood. Met het hobbymes schraap je het overtollige witmetaal weg. Een fijn vijltje gebruik je om afrondingen mooi glad te maken. Het glasvezelpotlood wordt gebruikt voor de afwerking en om de ruwe oppervlakken op te schonen.

Hetzelfde wordt gedaan met de onderdelen in messing. Met een schaartje worden de onderdelen uit de plaat geknipt. Hier zal vooral het vijltje van pas komen om de lipjes en de etsnaden weg te werken.
Tot slot worden alle gaatjes voor de handgrepen en enkele andere onderdelen geboord. Grote gaten worden eerst voorgeboord met een dunnere diameter. Meestal zijn de plaatsen waar een gaatje moet komen duidelijk aangegeven op de onderdelen. Eventueel moet je ze zelf eerst markeren met de punt van een hobbymes. Voor de juiste diameter moet je het schema raadplegen. Meestal gebruik ik eerst een boor waarvan de diameter 0,1 mm kleiner is dan aangegeven. Daarna gebruik ik voor de afwerking een boor met de juiste diameter.

Lijmen of solderen

Hier laat ik de keuze aan de modelbouwer. Sommigen zijn van oordeel dat modellen in messing en witmetaal steeds moeten gesoldeerd worden en zweren het gebruik van lijm af. In beide gevallen zal het model voldoende sterk en stevig zijn. Mijn ervaring leert dat lijm zeker zo goed is als solderen. Vaak gebruik ik de twee technieken door elkaar. De grote stukken worden gesoldeerd, de kleine onderdelen worden gelijmd. Onderdelen die door onhandig gebruik kunnen loskomen worden verstevigd. Lijmen heeft in elk geval één groot voordeel. Wanneer alles dreigt te mislukken kun je de lijm in een bad met aceton oplossen. Daarna kun je gewoon opnieuw beginnen.

Soldeer

Voor het solderen van witmetaal gebruik ik meestal soldeer met een laag smeltpunt. Vroeger had je soldeer van Model Loco. Waarschijnlijk bestaat het nog steeds. Hetzelfde soldeer bestaat ook bij andere merken. Het soldeer bezit een smeltpunt dat lager ligt dan witmetaal. Witmetaal wordt gesoldeerd met een soldeerbout waarvan de temperatuur kan geregeld worden. De regelaar wordt zo ingesteld dat wel het soldeer smelt, zonder het witmetaal aan te tasten. De smelttemperatuur van het speciale soldeer ligt ongeveer rond 85 graden. Voor het witmetaal is dit afhankelijk van de samenstelling van de legering ongeveer 145 graden.
Bij het solderen wordt steeds een vloeimiddel gebruikt om het gesmolten soldeer gemakkelijk te laten uitvloeien. Dit middel is een zuur en wordt vooraf met een penseel op de soldeerplaats aangebracht. Meestal wordt als vloeimiddel fosforzuur of zoutzuur gebruikt dat met dezelfde hoeveelheid water wordt aangelengd. Deze producten kun je kant en klaar in een modelbouwzaak kopen. Fosforzuur was vroeger te krijgen bij een apotheek. Sinds het verdwijnen van magistrale bereidingen is forforzuur ook bij de apotheek verdwenen. Zuiver fosforzuur kan je voor de helft verdunnen met water.

Wanneer je een vloeimiddel hebt gebruikt voor het solderen van de onderdelen, moet je zeker alle zuurresten verwijderen. Dit doe je telkens als je stopt met solderen. Het neutraliseren van het zuur doe je met een oplossing van sodakorrels in water. Enkele schepjes soda op 2 liter (hand)warm water zijn voldoende om het model met een borstel te ontdoen van alle zuur. Soda is een base waarmee je een zuur neutraliseert. Vergeet niet grondig te spoelen met water.
Wanneer je maar enkele elementen hebt gesoldeerd volstaat het om deze onderdelen onder de kraan heel grondig te spoelen.

Lijm

Kleine onderdelen lijm ik bijna steeds met secondelijm. Afhankelijk van de noodzaak gebruik ik snellopende of trage secondelijm. In het eerste geval zijn de stukken onmiddellijk gelijmd. In het tweede geval heb je doorgaans enkele seconden zodat je de twee onderdelen nog even kunt verschuiven.
Wanneer ik grote delen lijm gebruik ik steeds snelle tweecomponentenlijm. Deze lijm begint reeds na enkele minuten te harden in tegenstelling met trage tweecomponentenlijm. Eerst zet ik de delen eerst vast met secondelijm. Daarna wordt alles verstevigd met tweecomponentenlijm.
Voor het model van deze reeks 51 heb ik alleen lijm gebruikt. Het model maakt reeds een zeer stevige indruk en sommige onderdelen kunnen pas vastgezet worden nadat ze geschilderd zijn. Dit laatste geldt onder meer voor de bufferbalk en enkele delen van de cabine. Nadat je stukken geschilderd zijn, kun je trouwens geen soldeer meer gebruiken, omdat de temperatuur de verf zou beschadigen.
Alle kleine onderdelen zoals buffers, trapjes, handgrepen en ventilatieroosters heb ik eerst geschilderd en aangebracht nadat de kap gespoten was. Op de bufferbalk met voetplaat werden eveneens eerst alle attributen aangebracht en daarna geschilderd.

Ontvetten

Een model in witmetaal wordt niet met de hand geschilderd, maar met een verfpistool gespoten. Hiervoor heb je een spuitpistool nodig dat geschikt is voor lakverf. Ik gebruik ondemeer een eenvoudig pistool van het merk Badger. Sinds enkele jaren werk ik meer en meer met met een 'Evolution' dual action van 'Harder & Steinbeck'. Daarnaast moet je kunnen beschikken over een compressor voor het leveren van de noodzakelijke constante luchtdruk.
Voor je begint met het spuiten wordt het model grondig ontvet. Ontvetten is noodzakelijk voor een goede hechting van de verf op het model. Op plaatsen die niet of onvoldoende ontvet zijn, kan de verf later loskomen waardoor het model onherstelbaar beschadigd wordt.
Voor het ontvetten was ik het model grondig met heel veel afwasmiddel en laat ik het zeker 30 minuten in warm water liggen. Na een grondige spoelbeurt wordt het model gedroogd.
Om zeker te zijn dat ook alle vetresten verdwenen zijn moet je het model nadien nog eens grondig wassen met detergent. Sommigen gebruiken WC-eend of CIF om het oppervlak van het model op te ruwen met een tandenborstel. Hiermee wenst men een betere hechting van de verf te garanderen. Uiteraard moet je dit doen voor de finale wasbeurt. Zelf heb ik nooit WC-eend of CIF gebruikt.
Nadat het model grondig is opgekuist en ontvet, mag je het niet meer met je vingers aanraken. Anders ontstaan nieuwe onzichtbare vetplekken op plaatsen waar later de verf gemakkelijk kan loskomen.

 


 

 


 

Grondlaag

Na de poetsbeurt wordt een grondlaag aangebracht. Een degelijk grondverf hecht zich aan het witmetaal, en vormt tegelijk een goede basis voor de latere lakverven. Als grondlaag gebruik je een primer. Verschillende fabrikanten van modelverven zoals Humbrol bieden primers aan. Mijn voorkeur gaat echter uit naar een primer die je in doe-het-zelf zaken vindt. Deze verf is vaak roodbruin van kleur en wordt ook rode menie genoemd. Vroeger bevatte deze verf lood en moest moet je zeker een verfmasker dragen en in een goed geventileerde ruimte werken. Nu is rode menie met lood nergens meer te koop. Rode menie heeft een goed dekkend vermogen. Je moet slechts een dun laagje aanbrengen.
Gebruik nooit grondverf uit een spuitbus omdat je hierbij het spuitvolume nooit goed onder controle kunt houden. Wil je toch een spuitbus gebruiken, neem dan de grondverf van Tamiya. Deze is in enkele kleuren te koop waaronder ook grijs. Deze grondverf legt een zeer dunne laag over het model. Spuit steeds in een vlotte beweging en huis de spuitbus nooit op één plaats gericht om verfophoping te voorkomen.

Afplakken

Na een droogtijd van minimum 48 uur wordt de basiskleur van het model aangebracht. Meestal is dit de lichtste kleur. Voor de reeks 51 is dit kanariegeel. Uitzonderlijk moet eerst de donkerste kleur gespoten worden. Dit is afhankelijk van de wijze waarop bepaalde delen van het model moeten afgeplakt worden voordat een nieuwe kleur wordt gespoten.
Omdat het kanariegeel een transparante kleur is, kun je het model vooraf in een dekkend geel of wit schilderen. Daarna breng je over deze basiskleur een laag in de definitieve kleur aan.

Voor het aanbrengen van de groene laag moet het model eerst afgeplakt worden. De plaatsen die geel moeten blijven, worden zorgvuldig met tape gemaskeerd. Op de markt vind je hiervoor verschillende merken. Mijn voorkeur ging vroeger uit naar Mecanorma Elektronic zwarte tape. Deze tape is niet meer verkrijgbaar. Nu zoek ik mijn heil bij Tamia of Pectra Masking Tape en Super Stripe. Sinds kort heb ik mijn heil gezocht bij (The Edge -masking tape'. Deze tape kan je eveneens in verschillende breedtes kopen in speciaalzaken voor hobbyïsten. Deze soorten zijn allemaal een beetje rekbaar zodat je ook rondingen kunt afplakken. Met een rond hobbymes type X-Acto wordt de tape op het model zelf afgesneden.

Wij hebben gekozen voor een reeks 51 in het geel met een groene belijning. Het groen wordt in verschillende lagen onmiddellijk na elkaar gespoten. Om de verf tussen elke laag snel te laten drogen gebruik ik een haardroger. Wanneer de verf na ongeveer 30 minuten voldoende handdroog is wordt de tape onmiddellijk weggenomen. Wacht je hiermee dan loop je het risico dat delen van de laatste verflaag mee losgetrokken wordt waardoor de lijnen minder strak lopen.

Vervolgens wordt het zwart onder aan de kap en het chassis gespoten.
Tot slot worden de kleine details met een penseel geschilderd of bijgewerkt. Zoals de bufferbalk en de buffers, de rand rond de koplampen en de ruitenwissers, de trapjes en handgrepen. De roosters en de ventilators worden licht vervuild met een antracietkleur. Dit is eveneens het moment waarop de kleine details worden vastgezet met secondelijm.

Opschriften

Een groot probleem bij het schilderen van modellen is de verkrijgbaarheid van afzonderlijke afwrijfcijfers. Vroeger had je Jocadis en soms ook fwrijfcijfers en letters van Letraset of Mecanorma. Deze zijn niet meer te koop. Het enige alternatief is het laten printen van locnummers op transparante vellen met een Oki-printer.
Na het aanbrengen van de opschriften krijgt de kast nog een laatste laag satijnvernis.

Motori

De vorige productieserie van de reeks 51 van Jocadis was uitgerust met een onderstel van Electrotren. Indien je meer betaalde kon je een aangepast draaistel met micromotor krijgen. Nu wordt het model geleverd met het onderstel van een Amerikaanse model van Mehano. Dit onderstel is uitgerust met centrale motor met twee vliegwielen en een cardanas naar beide draaistellen. Deze aandrijving is zeker voldoende. Het extra gewicht van het witmetaal van de kast is een bijkomend voordeel waardoor de loc meer stabiliteit bekomt. De loc staat stevig op de sporen en trekt zonder problemen een ram met twintig goederenwagens.


A3995 Reeks51 17


Materiaallijst

  • Verfpistool: bijvoorbeeld een single action badger Model 200 of een Evolution van Harder & Steinbeck.
  • Tape: bijvoorbeeld Tamia Masking Tape, Pectra Masking Tape en The Edge
  • Verf: Humbrol nr 69 of Jocadis 99007 (geel), Jocadis 99000(groen), Tamia X-1 (zwart)
  • Oude transfers van Jocadis of soms ook Rocky Rail (nooit geprobeerd)
  • Secondelijm en tweecomponentenlijm
  • Hobbyvijltjes
  • Soldeerbout met regelbare temperatuur, een vloeimiddel S39 of verdund fosforzuur.
  • Soldeer met smeltpunt onder 100° Celcius, bijvoorbeeld soldeer van Model Loco.
  • Hobbymes type X-Acto en mesjes nummers 11 en 15.
  • Glasvezelpotlood.

Waarschuwing

Alle vloeimiddelen die gebruikt worden bij het solderen zijn gevaarlijk. Bijgevolg moeten alle voorzorgen uitdrukkelijk in acht genomen worden. Let op een goede verluchting in een open ruimte. Het inademen van de giftige dampen is gevaarlijk. De handen en de ogen moeten beschermd worden tegen mogelijke kleine spatten. Gebruik handschoenen en een gesloten stofbril. Let ook voor vlekken op je kleding. Dezelfde opmerkingen gelden trouwens ook voor secondelijm.

Alle chemische producten moeten zorgvuldig opgeborgen worden en buiten het bereik van kinderen staan. De flessen waarin de vloeistof bewaard wordt moeten specifiek voor dit doel geschikt zijn. Gebruik geen herkenbare flessen uit de drankhandel. Op de flessen moet duidelijk en onuitwisbaar de inhoud aangegeven zijn. Een verwisseling kan fataal zijn. Mocht er toch iets gebeuren met vmoeimiddelen dan kun je eerst overvloedig met water spoelen. Indien nodig moet je onmiddellijk een arts of het antigifcentrum raadplegen.